Wij slaan cookies op om onze website te verbeteren. Is dat akkoord? Ja Nee Meer over cookies »

Vliegangst overwinnen

Een groot onderdeel van vliegangst overwinnen is weten hoe het zit! En een veel voorkomende zorg is turbulentie. Dit onderwerp houdt veel vliegangstigen bezig en het helpt niet dat er allerlei mythen over bestaan. Om maar meteen met de deur in huis te vallen:

– Luchtzakken bestaan niet!
– Lucht kan net als water geen gaten hebben
– Lucht kan net als water stromen en golven hebben

Nu dit duidelijk is, zal ik uitleggen wat turbulentie precies is. Het is een verstoring in de lucht. Je kunt het vergelijken met varen. Een bootje gaat op en neer over de golven in het water, een vliegtuig beweegt over de golven in de lucht. Er bestaan verschillende soorten turbulentie en het hangt af van het tijdstip, de hoogte en ook de jaargetijden welke ontstaan. Sommige soorten zijn ter plaatse goed detecteerbaar, sommige kunnen meteorologen goed voorspellen en andere zijn een logisch gevolg van de lokale omstandigheden. Maar soms is turbulentie toch nog onvoorspelbaar of niet te detecteren. Wanneer dat het geval is, zal de piloot er van tevoren geen rekening mee kunnen houden en kun je als passagier schrikken. Maar na het lezen van dit artikel weet je dan dat turbulentie vervelend is, maar niet gevaarlijk.

VLIEGANGST OVERWINNEN? KENNIS = MACHT

Bij het opstijgen en landen kan het vliegtuig vlak boven de grond last hebben van turbulentie door harde wind. Vooral bij storm kan dat vervelend zijn door de plotselinge verandering van snelheid en richting van de wind. Dit komt met name door de wrijving met de oppervlakte.

Thermiek ontstaat wanneer warme lucht opstijgt; dit kan turbulentie veroorzaken.Wanneer de zon het aardoppervlak verwarmt zal het aardoppervlak op zijn beurt de lucht erboven verwarmen. Warme lucht stijgt op. De mate waarin de aarde wordt verwarmd, hangt onder meer af van de stand van de zon. Hoe hoger de zon staat, hoe krachtiger de straling op het aardoppervlak en hoe warmer dat wordt. De hoeveelheid zonne-energie per vierkante meter neemt toe. De hoeveelheid zonne-energie hangt ook af van de breedtegraad en de daarbij behorende hoek die de zonnestralen met de aarde maken. Hoe verder je van de evenaar bent verwijderd, hoe groter het oppervlak is waarop het zonlicht valt. De zonne-energie per vierkante meter is dan lager.

Behalve zonnestand en breedtegraad bepaalt ook kleur hoe warm het aardoppervlak wordt. Je ervaart dat zelf als je op een zomerse dag met blote voeten over donkere tegels in de zon loopt en daarna over tegels in de schaduw. Er is dan soms sprake van een temperatuurverschil van meer dan dertig graden. Naast kleur is ook de mate waarin de grondsoort warmte geleidt bepalend voor de temperatuur. Hoe zwarter, droger en luchtiger de grond is, hoe sneller deze opwarmt en hoe sneller de grond de lucht erboven verwarmt. De verwarmde lucht stijgt echter niet direct op. Eerst bouwt zich vlak boven het aardoppervlak een laag warme lucht op. Wanneer in Nederland in de zomer de zon hoog staat en er veel uren zon zijn, kan zo’n warme laag groeien tot een hoogte van wel zestig meter. De temperatuur van deze laag kan behoorlijk oplopen, zeker bij windstil weer. Op een gegeven moment zal er warme lucht loskomen en opstijgen. Dan ontstaat thermiek. Wanneer warme lucht opstijgt, gebeurt dat in de vorm van een uitstulping. Zo’n uitstulping kan losraken van het oppervlak en een thermiekbel vormen. Meestal is er een verstoring in de onderste luchtlaag wanneer dit gebeurt.

WIND EN THERMIEK

De wind brengt bijvoorbeeld de warmere lucht in beweging en geeft het zo een zetje om op te stijgen. Het kan ook zijn dat de wind de lucht over een obstakel zoals een bosrand blaast en zo aanzet om op te stijgen. Je kunt als je vliegt thermiek verwachten op zonnige dagen, wanneer de zon de tijd heeft gekregen om het aardoppervlak te verwarmen. Het tijdstip waarop je vliegt, kan daardoor dus ook uitmaken. Vliegtuigen kunnen vooral last hebben van thermiek in de onderste luchtlaag tot ongeveer vijfhonderd voet, circa 150 meter. Ongeveer een minuut na het opstijgen en voor de landing kun je voelen hoe de warme lucht tegen het vliegtuig botst. Een groot vliegtuig heeft door zijn gewicht minder last van thermiek. Kleinere en lichtere vliegtuigen hebben er juist meer last van, zoals de Airbus 320-familie, de Boeing 737-familie, de Fokker 100-familie, de Embraer 170/190, turboprops en zakenjets. Extreem lichte zweefvliegtuigen maken juist gebruik van thermiek om te kunnen blijven vliegen. Zij vliegen van thermiekbel naar thermiekbel.

Eerstvolgend cursusdatum:

zondag 15 maart 2020

Check nu in